Vorig jaar maakte ik mijn CSR-planning voor 2019 op. Ik kreeg het idee om het gezoem van ons kantoor tijdens drukke periodes te delen met het gezoem van bijtjes. Ik kwam al snel tot een financieel interessante oplossing. Buiten de 60.000 werkbijen zou ik ook nog eens ongeveer 40 kg honing (in potjes van 350 ml) erbij krijgen. Oei. Dat gaf me toch net iets te veel return on investment.

Ik verkoop gadgets, geen honing

Want laten we een kat een kat (of in dit geval ‘een bij een bij’) noemen: ik verkoop relatiegeschenken en gadgets, geen honing. Al kan ik er het eerste jaar iedereen die ons bedrijf lief is, wel een pot honing cadeau doen…

Toch was ik eerder afkerig tegen het idee van bijenkasten op ons bedrijf. Waarom? Wegens de extra FAVV-aangifte (ja, je brengt voedsel in de keten) en de blazende blik van mijn klant als ik  een derde keer een pot honing cadeau geef.

Maar de cosmos is de bijen lief

Ik kwam dus een imker tegen die maar al te graag bijenkasten plaatst en zelf de honing verkoopt. Probleem opgelost. Ondertussen ben ik dan maar een boek ‘Bijen houden voor dummies’ beginnen lezen. Zo kan ik zelf onze dames mee in het oog houden. Mijn eerste honingraat heb ik ook al vastgehouden (eigenlijk wel fier). En ontdekt dat niet elke bij een wesp is.

Dus vanaf eind mei zijn we trotse eigenaar van 60.000 werkbijen. De honing? Die kunt u kopen bij de imker en zo een lokale kinderboerderij steunen.

Meer weten?  

Wilt u ook bijenkasten plaatsen zonder dat u honing wil gaan verkopen?  Kinderboerderij ’t gulderijtje in Zemst kan uw hulp gebruiken!